Op 15 januari 1901 bracht de toenmalige Moeder Overste Xavier Schutjes de eerste zes zusters naar Oud Gastel.
Pastoor R. van Aalst had tevoren door architect P. van Genk een plan laten maken voor de bouw van een zusterhuis met schoollokalen. Aannemer Petrus Bus had naast de kerk het St. Bernardusgesticht reeds gebouwd, nog voor er een overeenkomst was met het moederhuis te Etten. Pastoor van Aalst bleek niet al to royaal to zijn met het traktement voor deze zusters. De eerste steen(zie gevel) werd gelegd door Petronella Blankers.
De eerste zes zusters mogen met ere genoemd worden. Het waren: Sr.(soeur) Philippa Rosing, overste en hoofd der school, Sr. Elzearia Spuls, handwerkonderwijzeres, Sr. Leocadia Loornans, bewaarschoolzuster, Sr. Joseph van Goch, onderwijzeres, Sr. Wenceslaus van Tetering en Sr. Casimira Karremans voor huishouden, keuken en portierster.
Zij begonnen in januari 1901 met 112 meisjes en jongens in de kleuterschool en 90 meisjes in de eerste en tweede klas. Deze kinderen kwamen van de openbare scholen in de Koelestraat en de Steenstraat, van de heren Vermeulen en Wittenaar.
De St. Bernardusschool werd in april 1901 reeds uitgebreid met klas drie en vier, terwijl in augustus klas vijf en zes de meisjesschool kompleet maakten. Daarnaast begonnen de zusters twee klassen avondschool, een bidschool en een Mariacongregatie voor meisjes. Het aantal zusters steeg daardoor tot tien. Ook een lekenonderwijzeres, Mej. Marie Brands, gaf les, overigens zonder salaris te ontvangen!
In het klooster werd inmiddels de kapel verder afgewerkt. Zij lag boven aan de trap, met links een sacristie en rechts een ziekenkamer.

In de kloosterkroniek van het St. Bernardusgesticht van Oud Gastel, bewaard te Etten, is een groot aantal gegevens opgenomen over het komen en gaan der zusters, met daarnaast informatie over de dagelijkse gang van zaken in het klooster.
Zo over de inzegening op 28 januari 1901, waaraan een geweldige storm voorafging. Dit was de duivel zijn werk! Hij wilde de zusters weg hebben en gooide daarom nu de ruiten al stuk!
Ook de kinderen waren in het begin geen lieverdjes! Ze waren wild en ruw. Met St. Thomas (21 december) werden de zusters buiten de klasdeuren gehouden, wat de nodige hilariteit gaf!
In september 1902 ging pastoor van Aalst met emeritaat en werd opgevolgd door pastoor G.A. Damen. Ook Meij. Brands vertrok.
De school was al spoedig te klein. Soms zaten er 65 kinderen in een klas voor 48 bestemd!Er werden aan de bestaande 5 klassen een bewaarschool, twee klaslokalen (beneden) en een congregatiezaal met spreekkamer (boven)Bijgebouwd.
De congregatiezaal was tevens naaischool voor zuster Huberta.
De Stichteressen (15-01-1901) Van links naar rechts staande: Sr. Wenceslaus van Tetering, Sr. Elzearea Spuls, Sr. Casimera Karremans. Zittende: Sr. Joseph van Goch, Sr. Philippa Rosing, Sr. Leocadia Loomans |
Vanzelfsprekend volgden de zusters de afbraak van de oude kerk (1903) en de bouw van de nieuwe kerk (1907) met belangstelling. Het gaf ook de nodige ongemakken!
De plavuizen van de oude kerk werden langs de school gelegd als pad.
In 1913 was het aantal zusters gestegen tot 13. In 1918 vertrokken er drie van de eerste zes zusters, wat pastoor Damen later deed verzuchten: "Mijn eerste nonnen waren toch altijd maar de beste".
Te voren waren er in 1914, bij het-begin van de Eerste Wereldoorlog Belgische vluchtelingen in het klooster geweest. Het waren vijf zusters uit Bornhem (België) met twintig weeskinderen onder leiding van prior Meyers. Ze bleven slechts kort, van 8 tot 28 oktober 1914. In 1920 werd er weer verbouwd en gewisseld met klas lokalen, kleuterschool en congregatiezaal.

In datzelfde jaar was het eerste sterfgeval onder de zusters hier
In maart 1920 werd zuster Georgine Gussenhoven, hoofd der school, plotseling ziek.
Zij overleed in april d.a.v. te Etten, 32 jaar oud. In juli 1922 werd er op de speelplaats het bekende H. Hartbeeld geplaatst.
Op 27 november 1924 sloeg het noodlot weer toe in het klooster. Zuster overste Eligia Beekers overleed aan een longaandoening. Zij werd begraven te Oud Gastel. Haar opvolgster werd Sr. Jeannette Peeters.
Even later gingen de veranderingen en verbouwingen weer verder.
Er werd waterleiding aangelegd (1928), de refter werd vergroot en er kwamen nieuwe vloeren in de klassen.
Onder overste Sr. Caroline van Wely werd de verbouwing afgewerkt met nieuwe cellen voor de zusters (1939).
Na pastoor Damen (gest. 1935) kwam pastoor Ant. Mouwen (gest. 1942), pastoor Th. Jansen (gest. 1951) en pastoor P. van den Elzen (gest. 1959). De pastoors traden op als geestelijke verzorgers (biechtvaders) van, de zusters. Tevens als werkgevers namens het Kerkbestuur.
Mei 1942. van links naar rechts staande :Sr.Suitberta Boom, Sr. Evelina Grift. |
De oorlog 1940-1945 ging ook de zusters niet ongemerkt voorbij.
Na het bombardement op de Vacca (melkfabriek) op 10 mei 1940 sliepen de zusters uit voorzorg enkele nachten in de spreekkamer en in het Jeugdhuis. Woensdag 14 mei hadden ze enkele dagen inkwartiering van 200 manschappen Duitsers. Ze lieten een vuile boel achter. Steeds dreigden er gedurende de oorlog nog verdere inkwartieringen. Gelukkig ging dit uiteindelijk niet door.
Er kwamen wel drie klassen van de Jongensschool naar de Meisjesschool, eind september 1943. Toen 12 januari 1944 het Moederhuis in Etten ontruimd moest worden, kwamen er in Oud Gastel 22 zusters.
Op 14 april 1944 was Etten weer "vrij" en gingen de zusters weer terug.
Kort tevoren, n.l. op 21 maart 1944, was er een persoonsbewijscontrole geweest in het klooster, i.v.m. een gezochte jonge vrouw in het bezit van wapens. Het onderzoek had geen verdere gevolgen.
Op 20 juli 1944 waren er enkele lokalen gevorderd voor arbeiders Aan de tankval te Stampersgat.
Op 1 september 1944 begon de school weer. Dolle dinsdag 5 september was er vrijaf. Pogingen voor de inrichting van een Duits lazaret gingen niet door.

Staande van links naar rechts: Sr. Maria de Mercedes Daas, Sr, Amata Rijswijk, Sr.Stefanie, Sr Arcenia van Oosterhout, Sr Francina van Es. Sr.Benedicte de Jong, Sr, Irenea van Unen. Zittende van links naar rechts: Sr. Emmanuel van der Made, Sr. Isabella Neelen, Sr. Prudence Pauwels, Sr. Thasisia Sluiter en Sr. Marie Paulo van Leeuwen. |
Toen kwam uiteindelijk de bevrijding. Zondag 29 oktober vertrokken de Duitsers. Maandag 30 oktober om half twee kwamen de eerste Engelsen. Er kwam Engelse inkwartiering in het klooster, maar dit werd niet als een bezwaar gevoeld, aldus de kroniekschrijfster! De laatste inkwartiering was van de Amerikaanse soldaten van 6 februari tot 4 juni 1945.
De bevrijding van Oud Gastel werd uitbundig meegevierd, met een optocht van 96 wagens!
In 1946 werd er weer verder verbouwd. De regenput (nog steeds in gebruik) werd nagezien en verbeterd. De goten van de kerk zorgden voor voldoende aanvoer. De kapel moest nodig geschilderd, maar daar had de pastoor geen geld meer voor.
Op 29 juni werd het zilveren professiefeest gevierd van de bekende zuster Emanuel. Zij heeft honderden meisjes voorbereid op hun eerste H. Communie.
In 1953 was zij 25 jaar in Oud Gastel en stond zij 25 jaar voor de eerste klas. 
Haar wereldlijke naam was Maria A.C. van der Made uit Galder.
Op 8 december 1949 werd er weer gefeest en wel voor zuster Isabelle Neelen, hoofd der school.
In 1950 moet vermeld worden de brand in het papierhok (schade
F 30, -). Tevens gingen er kinderen op reis naar Meerselse Dreef En naar Bouvigne onder leiding van lekenonderwijzeressen, juffrouw Akkermans en juffrouw Visser.
Op 15 januari 1951 werd het 50-jarig bestaan uitbundig gevierd.
In 1951 werden er twee nieuwe lokalen voor het V.G.L.O. gebouwd, de speelplaats werd vergroot en het portiek verplaatst.
In 1952 werd de Congregatiezaal weer eens verbouwd. In 1955 werd tot slot de nieuwe V.G.L.O.School voltooit.
De naaischool werd in 1956 opgeheven wegens gebrek aan leerlingen. Zij werd als kleuterschool in gebruik genomen.
Een grote gebeurtenis was het inhalen van het Fatima-beeld in Gastel in 1956. De zusters mochten met de parochianen het beeld afhalen op de Stoof. Zij deden voor dit doel 5 boetetochten te voet van Gastel naar Etten en terug

| September 1958. Staande van links naar rechts: Sr. Theophile Vuuren, Sr. Francina van Es, Sr. Salvina Naanen, Sr. Othilda van Dorst, Sr. Rosia de Waal, Sr. Placida Jochems, Sr. Emerance Dirven, Sr. Estella vanOosterhout. Zittende van links naar rechts: Sr. Emmanuel van der Made, Sr. Bernadette Knipscheer en Sr. Georgine Balemans. |
We naderen nu met rassé schreden bet einde van bet klooster te Oud Gastel.
In 1957 vertrekt Sr. Isabelle Neelen, hoofd der school, ziek naar Etten terug. Sr. Bernadette Marie Knipscheer volgende haar in deze functie op. Ook overste Marie Ange Smet vertrekt naar elders. Bovengenoemde zuster Bernadette Marie wordt tevens overste, de laatste. In januari 1959 brengt moeder overste Annette Verbeeten uit Etten bet bericht van opheffing en sluiting van het klooster Per 1 augustus 1959. Het Brabants Nieuwsblad brengt het definitieve bericht op 7 juli.
Veel ouders (vooral van de kleuterschoolkinderen) vinden het erg. Op 30 juli nemen het dorp en de parochie afscheid. Op 31 juli de kinderen. Op 4 augustus komt de verhuiswagen voor, die de spullen naar Etten zal verhuizen.
De kroniekschrijfster vermeldt, dat de zusters op dezelfde dag 's Avonds om 6 uur de B.B.A.-bus nemen naar Etten en daar om 7 uur arriveren: "Blij, dat het zover was, na al de emoties van de laatste weken".
Geschreven door : F.van Merrienboer Augustus 1984
Bron: Jaarboek Heemkundekring het land van gastel 1984-1985